Expeditie Bodø
5: Dood, belasting en koolvis
Het zou me niet verbazen als het gezegde: ‘alleen de dood en belasting
zijn zekerheden in het leven’, in
Noorwegen luidt: ‘alleen de dood, belasting en koolvis zijn zekerheden in het
leven’. De koolvis is er altijd. Waar en
wanneer je ook vist op het zoute water, op een zeker moment beland je in een
school koolvissen. Vaak klein, soms van een mooi formaat en als je zoekt, soms
van enorme afmetingen. Het pijlsnelle broertje van de kabeljauw en de pollak
heeft een uiterlijk dat bij zijn snelheid past: Een torpedovormig lijf met een
zwartgrijze rug met witte ‘sportstreep’ en een zilvergrijze buik. Het ‘unique
selling point’ van deze vis werkt ook tegen hem; de koolvis is zo talrijk dat
veel vissers hem links laten liggen voor schaarsere en daarom ook spannendere
soorten. Volledig onterecht, vind ik.
Iedere koolvis weet een glimlach op onze gezichten te toveren. Is het
een kleintje dan zijn we verbaasd over de kracht die zo’n klein visje kan
ontwikkelen. Is het een flinke koolvis, dan genieten we van de prachtige lijnen
en kleur van deze vis.
Menno’s Gat
Bij een tripje tussen de eilandjes, kwamen we vorig jaar in een open
gebied terecht, omringd door met metalen staken aangegeven rifjes. We besloten
een driftje over dat gebied te wagen. Wie weet zouden we iets anders treffen
dan de gullen waaraan we tussen de eilandjes maar niet aan leken te ontkomen.
De tactiek werkte tot op zekere hoogte. Na een aantal minuten driften werd de
boot door de wind gepakt en voelde ik dat mijn zinkende vliegenlijn geen
contact meer maakte met de bodem. Geen probleem voor Menno, die met een
pilkertje een paar schelvissen haakte.
Voor de vliegenhengel leek deze drift eens kansloze missie. Maar Menno
ging lekker met de spinhengel. We besloten de drift daarom af te maken. Toen
Menno midden tussen twee riffen een mooie koolvis landde, maakten wij ook maar
een paar worpjes met de vliegenhengel. Zo vingen we tussen water en wind ook
een paar fraaie, zwarte torpedo’s. De stek kreeg daarom de naam Menno’s Gat.
Dit jaar komen we goed voorbereid op onze stek. We hebben de Lowrance
Elite4 aan boord en kunnen dus de driftjes zo plannen dat we over voor spin-en
vliegenhengel behapbare plekken driften, of dat we concentraties van jagende
vis kunnen vinden. Opnieuw stelt deze Menno’s Gat niet teleur. De koolvissen
dienen zich in aantallen aan. Af en toe is het werken om er eentje van een mooi
formaat in bedwang te houden.
Hertenhaar
Onze mooiste confrontatie met deze vaak onderschatte sportvis komt in
de jachthaven achter ons huisje. Terwijl we een kop koffie drinken op ons
balkonnetje zien we een school vis het haventje inzwemmen. Met grote kolken zijn ze op jacht naar aasvis
in het oppervlak. ‘Daar heb ik wel iets voor’, roep ik, terwijl ik naar mijn
hengels loop. Ik tuig mijn viertje op met een intermediate lijn en vis uit een
vliegendoos een fraai oranje vliegje met een stomp, hertenharen kopje, gebonden
door vliegbindvirtuoos Floris van den Berg.
Op de steiger voor het huisje breng ik mijn lijn op lengte en laat ik
de vlieg tegen de steigers aan de overkant plonzen. Een bellenspoortje trekkend
beweegt het hertenheren gevalletje zich door de jachthaven. ‘Daar komen ze’,
roept Bas vanaf het balkon. Een groepje koolvissen onderschept de vlieg, maar
weet niet zo goed hoe hem te pakken. Keer ik op keer mist hun aanval doel. Als
ik echter de vlieg sneller strip naarmate de vissen dichterbij komen, is het
raak. Na een stevige strijd land ik een koolvis van een kilo of twee.
We vissen nog even door. Ook Rob krijgt de smaak te pakken. Vanaf ons
balkon zie ik hoe de vissen vanaf de bodem van de twee meter diepe haven, recht
omhoog komen om de vlieg aan te vallen. Na een serie van missers is het ook
voor Rob raak. Een fraaie koolvis laat zich vanaf de drijvende steiger
onthaken.
Saltstraumen
Een verblijf in de buurt van Bodø kan niet zonder ten minste één
bezoekje aan Saltstraumen, de snelste getijdestroom ter wereld. En als je dan
toch aan dat water staat, kun je er net zo goed even een lijntje natmaken. Bij
vorige bezoeken vingen we voornamelijk koolvisjes. Na onze ervaringen bij de
jachthaven had ik me daarom voorgenomen eens een hertenharen slider door de
kolkende stroom te trekken.
Tot mijn verbazing trekt het aasje direct de aandacht van hongerige
koolvisjes. Kolken achter de vlieg maken duidelijk dat de vissen het lastig
vinden om goed op de vlieg in te zoomen. In plaats van te versnellen, stop ik
daarom abrupt met binnenstrippen. Een prima keuze, zo blijkt. Want met een
plons duikt een koolvis over het aas om zichzelf te haken. Na deze eerste vis
volgen er tientallen. Niet groot. Maar de incidentele vis van zo’n anderhalve kilo
maakt het tot een spectaculaire visserij.
Toch weer Hufter 1
De grootste koolvis komt toch weer van de topstek van de week. We
hebben de drift vroeg ingezet, op de plek waar de Lowrance nog 25 meter water
onder de kiel aangeeft. Ik vis met mijn viertje, met een zelfgemaakte
schietkoplijn van een dikke 150 grains en een volglijn van nylon dat door
strandvissers als voorslag wordt gebruikt. Dat ik met deze combinatie diepte
haal, blijkt als ik op zestien meter diepte stukjes koraal mee naar boven haal.
Bas vindt het vliegvissen gedoe, maar Rob zegt niets over mijn ‘forelhengeltje’.
Vorig jaar viste ik de hele trip met een soortgelijk hengeltje en pakte ik er honderden
dikke gullen mee. Het geheim zit hem volgens mij in het vertrouwen om het hengeltje tot de limiet te
belasten tijdens een dril.
Na twee gullen, haak ik een vis die rustig meezwemt tijdens het
binnenstrippen. Een aanloopje voor wat komen gaat, zo blijkt. Want na een paar
meter dendert de vis onhoudbaar naar beneden. Ik houd het hengeltje laag, het
is belangrijk dat bocht in de hengel niet meer dan negentig graden is. Zo kan
gebruik ik het sterkste deel van de hengel om de vis tegenwicht te geven. Ik
probeer de vis voortdurend uit balans te trekken, maar mijn tegenstander
herhaalt de meezwem-en-wegduiktruc toch nog drie keer. Dan lukt het me de vis
naar het oppervlak te dirigeren. Uit drie monden klinkt gejuich als de witte ‘sportstreep’
van mijn tegenstander zichtbaar wordt. Een koolvis van opschepformaat, Hufter 1
heeft het weer voor elkaar gekregen.
Links
Expedition Bodø
5: Death, taxes and coalfish
It wouldn’t surprise
me if in Norway the well-known phrase: ‘the only certainty is death and taxes’,
would read ‘death, taxes and coalfish’. The humble coalfish is always around.
Wherever and whenever you fish on Norwegian salt water, it is a certainty that sooner
or later you will find a school of coalfish: often small, sometimes of a good
size and occasionally of monster proportions. The lightning fast brother of cod
and pollack has an appearance to match: a torpedo-shaped body with a dark back,
a white ‘racing stripe’ and a silvery belly. Its ‘unique selling point’ of
being widely available also seems to work against it; there is so much coalfish
that many fishers leave them for more scarce and therefore more exciting
species.
Every coalfish knows
how to paint a smile on our faces. With a small one we are pleasantly surprised
about the amount of power these pocket rockets have. With bigger fish we enjoy
the fight and the beautiful colours and lines of this magnificent fish.
Menno’s Hole
During a trip between
the islands last year, we arrived at an open area surrounded by metal stakes
indicating reefs. We decided to make a long drift over the area, as we thought the
rough ground beneath us could possibly get us in touch with other species than
the cod we couldn’t escape from around the islands. To a point our tactic
worked. A couple of minutes into the drift my sinking fly line lost touch with
the bottom. Menno had no problems. He hooked several haddock on a small pirk.
As Menno was doing
well with the spinning rod we decided to finish the drift. And when he started
hooking some nice coalfish right in the middle of the drift, Rob and I decided
to put in yet another couple of casts with the fly rod. In mid-water we too
hooked and fought some good coalfish. From that day on the spot was known to us
as Menno’s Hole.
This year we come
prepared. We have brought the Lowrance Elite4 and are now able to plan our
drifts over areas where spinning and fly rods get the maximum fishing time. Or
we can search for concentrations of mid-water fish and cast at them. Menno’s
Hole doesn’t disappoint. At times we have trouble controlling good sized
coalfish.
Deer-hair
We have the most spectacular
confrontation with this often underestimated fish, in the marina behind our
holiday home. As we are having coffee on the balcony of our home, we notice a
school of fish entering the marina and causing havoc among the baitfish in the
surface. ‘I have something for that’, is my first reaction, as I run to my
fishing gear. I rig a four weight with an intermediate line and tie on a
beautiful orange fly with a stump deer-hair head, tied by master fly-tier
Floris van den Berg.
On the jetty behind
our back door I make my first cast. The bubble trail in the surface draws immediate
attention. ‘There they are’, Bas shouts from the balcony. A group of coalfish
intercepts the fly, but their aim is sloppy. Time after time they miss their
target. But as I start increasing the speed of the fly as they come close, a
fish is hooked. After a hefty battle I land a scrappy four pound coalfish.
We enjoy some more
fishing on the jetty. Rob gives it a try and from the balcony I see how
coalfish come straight up from two metres to attack the fly. After a series of
bites, Rob also has a fish on. ‘Thist is so cool’, we all say, as Rob unhooks a
coalfish on the floating jetty.
Saltstraumen
A stay around Bodø is
not complete without at least one visit to Saltstraumen, the fastest tidal current
in the world. And while you are standing there, gazing at all that water, why
not wet a line? During our previous visits we mainly caught coalfish. So after
our experience in the marina I had decided to exclusively fish deer-hair
sliders in this maelstrom of currents.
To my surprise my lure
immediately draws the attention of a couple of hungry coalfish. Swirls behind
my fly show that the fish have a difficult time homing in on it. Instead of accelerating
my fly, I decide to stop it abruptly. I have made the right choice. With a
splash a coalfish launches itself over the fly to take it. After this fish
dozens more follow. Not too big, but the occasional three-pounder makes surface
fishing here a lot of fun.
Asshole 1 delivers again
The biggest coalfish
of the week comes from a familiar spot. We have started our drift over Asshole
1 early, the screen of our Lowrance tells us we have 25 metres beneath the
keel. I am fishing my four weight, with a homemade shooting head weighing
around 150 grains and a running line made from the mono used by surf fishermen
as shock leader. The proof that this
tackle is effective over this area, comes in the shape of pieces of coral I hook
at sixteen metres. Bas frowns, but Rob doesn’t say a thing. He was there last
year, when I caught hundreds of good sized cod on a similar outfit. The secret
of using a rod like this is to not be afraid to load this rod to the limit of
its abilities. Only then you’ll find out what these tiny rods are capable of.
After hooking and
releasing two cod, I hook a fish that gently swims along to the surface. It is
the calm before the storm, as in mid-water the fish goes down again like a
freight-train. I keep my little rod low. By keeping the angle of the bend below
ninety degrees I use the powerful lower part of the blank to fight the fish. By
adding side pressure to the fish I try to get it off balance. But still it
manages to treat me on three more runs before giving in. Cheers sound over the
water, as the white sport stripe emerges from the deep. A bragging size
coalfish comes on board. Asshole 1 has delivered again.
![]() |
Menno's Gat stelt net als vorig jaar niet teleur Like last year, Menno's Hole doesn't disappoint |
![]() |
Een school jagende koolvis in de jachthaven, krijgt onze onmiddellijke aandacht A school of coalfish in the Marina, draws our attention |
![]() |
Hiermee moet het gebeuren: een viertje, intermediate lijn en hertenharen vlieg Tools of the trade: a four weight, an intermediate line and a deer-hair fly |
![]() |
De koolvissen volgen de vlieg, maar missen regelmatig The coalfish follow the fly but aren't very accurate in their take |
![]() |
Een plotselinge stop lost dat op. Ineens hangt de vis A sudden stop solves this. Suddenly the fish is on |
![]() |
Een koolvis achter het huisje aan een oppervlaktevlieg: veel beter wordt het niet A coalfish behind our holiday home on a surface fly: it doesn't get much better |
![]() |
Tientallen koolvissen pakken de hertenharen slider in Saltstraumen Dozens of coalfish find the deer-hair slider in Saltstraumen |
![]() |
Met de hengel op maximaal negentig graden, komt alle kracht uit het onderste deel With the rod at a maximum angle of ninety degrees, most pressure comes from the lower part of the blank |
![]() |
Een koolvis van opschepformaat A bragging-size coalfish on any tackle |
Fantastic report and images!
BeantwoordenVerwijderenCheers David!
BeantwoordenVerwijderen